-
➤ Sluit het apparaat aan op het managementnetwerk (optioneel).
-
➤ Gebruik hiervoor de managementaansluitingen (20).
-
➤ Sluit het apparaat aan op het data-/managementnetwerk.
-
➤ Gebruik hiervoor de data-aansluitingen (21).
-
➤ Sluit het apparaat aan op het stroomnet.
-
➤ Gebruik hiervoor de aansluitingen op de voedingen (16). Sluit, indien mogelijk, elk voedingstoestel aan op een aparte stroomkring.